zondag 5 maart 2017

Hamsteren: dobbelstenen, puzzels, spelletjes

Voor mijn werk in het onderwijs ben ik vaak spulletjes aan het "hamsteren". In kasten en kratjes liggen door de school verspreid (en zelfs in mijn auto) wiskunde-spullen.
Vooral de brugklasleerlingen vinden aansluiting bij het vak wiskunde via concreet materiaal als dobbelstenen, vouwblaadjes, puzzels en spelletjes. Om ruimtefiguren te maken gebruiken we rietjes en pijpenragers.
Maar ook derdeklassers kun je activeren met een dobbelsteen-opdracht.



ZES VRAGEN
Deze simpele werkvorm met de dobbelsteen is bij elk thema te gebruiken
  1. zet een woord op het bord
  2. zet zes vragen op het bord, zoals maak een tekening bij dit woord, of beeld een begrip uit
  3. geef elk groepje een dobbelsteen en laat de groepjes 5 à 10 minuten hun gang gaan
  4. zet een nieuw begrip op het bord voor elke volgende ronde
(metacognitieve vaardigheid: laat de leerlingen de zes vragen bedenken)

EERLIJKE DOBBELSTEEN?
Geef elk tweetal een dobbelsteen en laat minstens 100 keer werpen. In een frequentietabel wordt gescoord hoe vaak elk aantal ogen geworpen wordt.

TAFELS OEFENEN
In een groepje om beurten werpen met twee dobbelstenen. Reken snel het product uit.
Er zijn ook dobbelstenen met 8, 10 of 12 kanten...

CATAN, WERPEN MET TWEE DOBBELSTENEN
Met twee dobbelstenen kun je van 2 t/m 12 als uitkomst werpen.
Als je dat in een frequentietabel uitzet, kun je ontdekken waarom in het spel De Kolonisten van Catan vaker 6, 7 of 8 wordt gegooid.


donderdag 12 januari 2017

Uitrekenpapier

Vandaag kwamen twee leerlingen vragen om extra uitleg. Om daar positief op te reageren moest ik wel over mijn eigen schaduw heen stappen. Uiteindelijk vertelden ze zelf dat ze dit onderdeel misschien ook wel vorig jaar hadden kunnen oppikken, als..... ze een beetje hadden opgelet.
In een half uurtje hebben ze waarschijnlijk meer geleerd dan in die 30 lessen van vorig schooljaar. Het motto van ons lesje was "help jezelf, door te schrijven".

Weet je niet meer hoeveel 6 x 9 is? Schrijf dan de tafel van 6 op een stuk papier tot je het antwoord vindt, want optellen kun je.

Moet je 43 x 21 uitrekenen? Rafel de som uit elkaar in 4 makkelijke vermenigvuldigsommen, en het lukt je.

Moet je een groot getal door 15 delen in een lange deelsom, maak dan een klein hulplijstje aan de rand van je papier
2 x 15 = 30
10 x 15 = 150
Dus 5 x 15 = 75
Misschien ook nog 20, 50 of 100x erbij, en je kunt aan de slag, want aftrekken tot je bij 0 bent, dat kun je.

Veilig rekenen via de verhoudingstabel is ook een handigheid om jezelf te behoeden voor verkeerde berekeningen. Hij hoeft er niet prachtig uit te zien, maar is een krachtig middel
om vraagstukken met procenten op te lossen.

Heb je nog meer zelfhulp-tips? Ik leer graag!

woensdag 19 oktober 2016

Toets-stress? Achterover leunen!

Iedereen heeft een moment in het schooljaar dat de schrik om het hart slaat: proefwerkweek, PTA, toetsdagen....
En dan zit er maar één ding op: achterover leunen! Niet letterlijk terugvallen in het niets doen, maar wel even pas op de plaats maken en jezelf de vraag stellen waar de stress vandaan komt.
Misschien loop je achter met bepaalde vakken, misschien loop je tegen de grens van je kunnen aan, maar het kan ook zijn dat met een handige tijdplanning en goede inzet alles nog helemaal goed komt.

1. Ga zitten
2. Pak je agenda en maak een lijst van wat je allemaal moet doen, alles door elkaar; knip grote klussen in stukken.
3. Schrijf achter elke taak hoeveel tijd de taak gaat kosten
4. Neem een groot vel papier met vakjes voor alle dagen van twee of drie weken
5. Zet de taken daarin op een handige plek, wissel taken af.
6. Vraag hulp voor de lastigste taken
7. Spreek met klasgenoten af voor taken die je samen kunt doen
8. Zet ook hobby en sport tussen je taken door
9. Aan de slag, streep alles wat klaar is lekker door




woensdag 5 oktober 2016

Dag van de Leraar 2016

Deze oktoberdag is er een om terug te denken aan wat docenten me hebben bijgebracht. Het zijn vaak kleine, maar o zo belangrijke dingen. Als docent ben je je niet eens altijd bewust van de indruk die je woorden (of daden) maken.

Met warmte denk ik terug aan mijn grootste voorbeeld: Juffrouw Hamerling (al eens verteld op Leraar24/ De beste les/ Passie). Zij was een mooi voorbeeld qua pedagogiek en didaktiek. Ik was 8 jaar maar leerde al veel over:
* werken op meerdere niveaus
* meisjes kunnen hetzelfde als jongens
* belonen is beter dan straffen
Twee wiskundedocenten brachten me liefde voor het gepuzzel in hun vak bij, Meneer Feijtes in klas 1 en 2, en Meneer van Oosten in klas 3-, 4- en 5-HBS; vooral zijn zaterdagse lessen waren jolig.

Frans spreken alsof je in je neus knijpt leerden we van Meneer Schoonhoven, en dat leraressen ook verliefd kunnen worden van Juffrouw Hazenberg. Het Doppler-effect werd ons door een luid toeterende Meneer Wijling in zijn Fiat 500 gedemonstreerd. En de handstand leerde ik van de zeventig-jarige vakdocent Zandee..

Behalve die handstand pas ik nog altijd toe wat deze bevlogen mensen me hebben geleerd. Ook dat je zo nu en dan weleens heks-achtig kunt doen; achteraf wordt strengheid en malligheid gewaardeerd.

Wat heb jij geleerd van jouw vroegere docenten???

zaterdag 4 juni 2016

Groen leren

Vandaag bereid ik een thuis-opdracht voor de brugklas voor.
De leerlingen krijgen elk een potje, wat grond en een paar bolletjes; thuis moeten ze planten, water geven en een logboek van de groei bijhouden.

Zelf moeten de leerlingen informatie opzoeken in boeken of op internet. Dat vinden ze nog wel lastig: hoe vind je de handige sites en de beste zoekwoorden?
Voor schoolse zaken raad ik altijd schooltv.nl aan, daar staan leuke filmpjes. Voor zaken over eten en drinken geeft voedingscentrum.nl de beste informatie en over seksualiteit sense.nl

dinsdag 31 mei 2016

Soorten vragen

Dit schooljaar geef ik weer eens het vak Mens & Natuur aan een brugklas. Daar kom ik weer andere vormen van leren tegen dan bij Wiskunde en Rekenen. De vragen in het werkboek en op de toetsen nemen wel twintig verschillende vormen aan; en elke type vraag heeft zijn eigen antwoord-strategie.
Een kleine inventarisatie bracht ons de volgende soorten vragen:
* Invulzinnen, vaak letterlijk uit het tekstboek, waarin een paar woorden ontbreken
* betekenis van begrippen vragen
* het begrip bij een betekenis of omschrijving zoeken
* juist/ onjuist- vragen  (of waar/ niet waar)
* opzoek- vragen bij bronnen

* opzoek- vragen op internet
* biologische tekeningen natekenen
* onderdelen van een orgaan of organisme benoemen
* vragen naar oorzaak (waarom?)
* vragen naar voorbeelden

* lijntjes trekken tussen twee rijtjes begrippen
* op volgorde van klein naar groot zetten (of van groot naar klein, dus goed lezen!)
* meerkeuze- vragen (soms mag je er meer aankruisen)
* interview, waarbij leerlingen elkaar bevragen
* mening vragen

* onderzoekje uitvoeren
* resultaten van onderzoek in diagrammen verwerken (wiskunde)
* non- voorbeelden kunnen ook heel leerzaam zijn...
* tegenstellingen (gevarieerde  of eenzijdige voeding)
* toepassen van het geleerde in een vergelijkbare situatie

* tot slot een heel leerzaam type vraag: "welk woord hoort hier NIET bij?" (soms zijn meerdere antwoorden goed, omdat er  heel verschillende argumenten gebruikt kunnen worden)

Mijn persoonlijke voorkeur gaat uit naar open vragen, omdat leerlingen dan meer kunnen laten zien wat ze allemaal weten. Sommige antwoorden brengen een glimlach op het gezicht van de docent...

donderdag 24 december 2015

TIPS hoe schoolvakken te verbinden met het dagelijks leven

Hoe kun je een schoolvak verbinden met het dagelijks leven?
Vaak blijven er schotjes staan tussen de verschillende schoolvakken onderling; en zoeken leerlingen niet vanzelfsprekend verbinding tussen leerstof en belevingswereld.

Tip 1: Leerlingen zelf aan het denken zetten
Geef het verbinden aan de belevingswereld expliciet als opdracht aan je leerlingen:
"Maak een begrippennet (mindmap) van de leerstof, en plak of teken er veel plaatjes omheen!"
 Je ziet dan waar leerlingen zelf mee komen, en kunt dat samen aanvullen.
Tip 2: Voorkennis activeren
Bij de start van een nieuw onderwerp is een geschikte vraag:
"Waar kom je dit begrip tegen?"  Je kunt samen met de klas de inbreng in een begrippennet zetten.
Voorbeeld: de vraag "Waar gebruik je negatieve getallen?" levert al snel op: temperatuur, rood staan, negatief doelsaldo; daar kun je de thema's weer, geld, sport uithalen. Bewaar de mindmap; natuurlijk kom je er later in het programma op terug.

Tip 3: Met een context-bril opgaven lezen
Lees samen met leerlingen (examen-) opgaven, en stel vóórdat er aan oplossingen gewerkt de vraag:
"waar speelt deze opgave zich af?". Het antwoord, bijvoorbeeld in een scooterwinkel, maakt leerlingen bewust van de context en legt misschien verbinding hun dagelijks leven. Deze bewustwording gaat niet vanzelf.

Tip 4: Naar beroep of functie vragen
"In welke werk is deze vaardigheid nodig?" is dan de vraag. Je kunt niet meer denken in de klassieke beroepen als loodgieter of boer, maar meer in werkterreinen of functies.
Zelf krijg ik bij wiskunde-onderwerpen soms als antwoord: "als je wiskunde-docent wordt". Klopt helemaal. Soms kan het antwoord ook "op vakantie" zijn.

Tip 5: Ouders inschakelen
Met internet kunnen we de alles dichtbij halen, de uitgevers maken prachtige boeken en online lesmateriaal, maar ouders en docenten blijven belangrijke schakels tussen dagelijks leven en leerstof. Je kunt ouders coachen om regelmatig met hun kind op zoek te gaan naar antwoorden op de vraag "Waarom moet je dat leren?".

Tip 6: Gastdocenten uitnodigen
In je vrienden-kring of stage-contacten zijn vast goede vertellers te vinden. Zij hebben veel zeggingskracht.

Tip 7: Tijdschriften laten slingeren
Dit lijkt een flauwe tip, maar er wordt gebruikt gemaakt van de natuurlijke nieuwsgierigheid van kinderen. Ze gaan er in bladeren en komen jouw vak tegen. Het werkt ook als je een uitdagend spelletje op je tafel hebt liggen, of een doos met een vraagteken er op.